Stephensonstraat 17d | 4004 JA Tiel | 0344 - 632708 | info@hommersomadvies.nl
van Herwijnen & Co Hommersom & Co Kellenstaete

Uitzendbedrijven worden voortaan ingedeeld in de uitzendsector

Per 25 mei 2017 is de Regeling Wet financiering sociale verzekeringen (Regeling Wfsv) gewijzigd. Dit heeft gevolgen voor alle bedrijven die, op welke schaal dan ook, personeel uitlenen of uitzenden. Op grond van de nieuwe regeling worden uitzendbedrijven voortaan voor de sectorpremies ingedeeld in de uitzendsector. Hierdoor zullen zij in de meeste gevallen hogere premies verschuldigd zijn.

Op basis van de Regeling Wfsv worden bedrijven voor de betaling van sectorpremies ingedeeld in één van de 69 sectoren. Iedere sector kent aparte bedragen voor de premies. Uit het sectorfonds worden met name de eerste 6 maanden van de WW-uitkering betaald. Vanwege het hoge percentage kortdurende werkloosheid in de uitzendbranche vanwege het uitzendbeding, zijn de premies in de uitzendsector hoger dan de premies in de meeste andere sectoren.

Voorheen konden uitzendbedrijven bij wijze van uitzondering ook in een andere sector worden ingedeeld (de zogenoemde vaksector), bijvoorbeeld als het bedrijf met name in die vaksector actief is of zich had gespecialiseerd. Deze uitzondering vervalt echter.

Wijziging geldt niet alleen voor “echte” uitzendbureaus

Het vervallen van deze uitzondering heeft tot gevolg dat alle uitzendbedrijven in de uitzendsector zullen gaan vallen. Hierbij is de werkingssfeer van de wijziging bijzonder ruim, waardoor deze bijvoorbeeld ook voor payrollbedrijven zal gelden. Maar ook ‘gewone’ bedrijven die personeel uitlenen kunnen er mee te maken krijgen.

uitzendbureaus-schenden-privacyrechten

Overgangsrecht

Bedrijven die vóór 25 mei 2017 in een vaksector zijn ingedeeld en ook als zodanig bij de Belastingdienst zijn geregistreerd geldt dat zij hier vooralsnog bij ingedeeld blijven. Ook bedrijven van wie de Belastingdienst vóór 25 mei 2017 een aanvraag heeft ontvangen om in een vaksector te mogen worden ingedeeld, zullen nog worden beoordeeld op basis van de oude regels. Er is dus overgangsrecht, maar niet duidelijk is voor welke termijn deze bedrijven nog in de vaksector ingedeeld mogen blijven. Vermoedelijk wordt dat 1 januari 2019.

In eerste instantie was er sprake van dat personeels-bv’s binnen een concern ook (op termijn) een andere sectorindeling zouden krijgen. Recent is via Kamervragen bekend gemaakt dat de wetgever voor deze personeels-bv’s alles bij het oude wil laten. Dus als bij personeels-bv’s enkel binnen hetzelfde concern arbeidskrachten worden uitgezonden, zullen zij uitgezonderd blijven van verplichte indeling in de uitzendsector. De personeels-bv’s worden dus ingedeeld in de vaksector waarin zij hun personeel laten werken. Dit geldt ook voor personeels-bv’s die zich na 25 mei 2017 aanmelden.

Als personeels-bv’s echter ook personeel aan derden uitzenden (de grens zal op 10% komen te liggen), dan geldt de hiervoor genoemde goedkeuring niet. Dergelijke personeels-bv’s lopen het risico om toch over te gaan naar de uitzendsector, met alle gevolgen van dien.

‘Gewone’ bv’s

Het komt in de praktijk ook voor dat ‘gewone’ bv’s tijdelijk personeel uitlenen aan andere bedrijven. Veelal zal dan geen sprake zijn van uitzendwerkzaamheden. Maar let op dat het uitlenen geen structureel karakter krijgt. Want hoewel het nog niet helemaal duidelijk is wat er in een dergelijk geval gebeurt, is naar onze mening de wijziging van 25 mei 2017 zodanig ruim geformuleerd dat zelfs ‘gewone’ bv’s te maken kunnen krijgen met een verplichte indeling in de uitzendsector.

Mocht u hier meer informatie over willen ontvangen, neemt u dan contact met ons op.